Trackdays

Trackdays

Een keer het circuit op gaan met je MX5? Goed idee, het is leuk en je leert je auto echt kennen!

Ja….. maar gaat mijn auto daar niet van kapot?

Korte antwoord: nee.

Beetje langer antwoord: nee, want je auto staat zó afgesteld dat alles altijd binnen voor de auto redelijke grenzen blijft. Dit is uiteraard alleen waar zolang alles in goed onderhouden staat is, en alleen voor de motor en de aandrijving. Als je van de baan raakt en tegen de vangrail knalt: ja, daar gaat je auto van kapot.

Veel langer antwoord: nee, je auto gaat er niet van kapot. Lees vooral verder door, dan weet je een beetje waar je aan begint.
Een trackday is echt een aanrader, en als je een beetje oplet plan je de volgende trackday al op de terugweg naar huis in je MX5 met nu “circuit ervaring” 🙂

Wat kán je allemaal doen en wat moet er écht om je auto en jezelf voor te bereiden op een trackday?
Nou, er is niet heel veel nodig; we vertellen hieronder wat je kan verwachten.

Service van ons:

Lijkt het je een leuk idee om een keer naar het circuit te gaan met je auto, en heb je vragen of zoek je advies dan kan je altijd contact zoeken via het contact formulier, bellen of langs komen.
We helpen je met alle plezier op weg, voeren aanpassingen aan je auto uit, of maken je auto compleet circuit klaar.

Je ziet MX5-en in allerlei gedaantes op een trackday



Wat voor soort trackdays zijn er allemaal?


Op trackdays heerst over het algemeen een hele leuke sfeer, en zelfs als je zelf (nog) niet gaat rijden is het nog leuk om naar toe te gaan.

Er zijn een heleboel organisatoren die trackdays organiseren, de meest bekende is vrijrijden.nl.
Vrijrijden.nl organiseert toegankelijke en goedkope trackdays waaraan iedereen met een helm (dit moet dus wel!) mee kan doen. 
Perfect voor een eerste kennismaking met het circuit. 
Het is meestal gezellig druk en de dag is ingedeeld in sessies. Je betaald per sessie, dus je hoeft geen groot bedrag te investeren. Je rijtijd is circa 15-20 min per sessie.
Op de meeste dagen kan je 4 tot 5 sessies rijden. 

Veel deelnemers rijden met compleet standaard auto’s rond en hebben weinig tot geen ervaring; hier gaat het vooral om het plezier.

Je krijgt geen instructies en je bent volledig vrij op het circuit, dus het is een beetje oppassen voor onvoorspelbare situaties. 
Ga je voor de eerste keer, kies dan de sessies voor de toer (langzaamste) klasse.
Daarin houden mensen over het algemeen prima rekening met elkaar. 

Als je een paar keer bent geweest en je voelt je wat meer thuis op het circuit is het tijd om over te stappen op de sport-klasse. Dan wordt je wel geacht ook je spiegels in de gaten te houden……. ;-).
Tijdens het bouwen van onze circuit auto hebben we veel gebruik gemaakt van deze trackdays met korte sessies om veranderingen te testen en zwakheden te ontdekken van de auto en niet te vergeten onszelf 🙂

Wat moet je voor zo’n trackday aan je auto doen:
Verse motorolie, zomerbanden op max 2.0 bar (liefst nog wat minder) en maak je radiator een beetje schoon.
Verder alle losse spullen uit je cabine en in een tas in de kofferruimte. Dat is het, helm op en rijden!


Het volgende type trackday is waarbij een organisatie het circuit afhuurt en je zoveel kan rijden als je wilt. 
Het is vaak een stuk duurder maar daar krijg je dan ook een hoop vrijheid voor terug, er zijn veel minder deelnemers en vaak is er zelfs een limiet hoeveel mensen er tegelijk de baan op mogen of zich kunnen inschrijven. 
Dit aantal ligt vaak laag zodat je veel ruimte op de baan hebt. Vandaar de hogere prijs: je hebt een heel circuit, je mag zoveel rijden als je wilt, en je bent met een beperkt aantal mensen/auto’s. 
Ideaal als je auto goed geprepareerd is en je flink wat circuit-kilometers wilt maken.

Op dit soort dagen is er wel een instructie-sessie (rijders briefing) waarin de regels worden uitgelegd. 
Op een circuit zijn de regels niet onderhandelbaar en je moet (voor de veiligheid) je er echt aan houden. 
Je wordt eenvoudigweg van de baan gehaald als je het niet doet.

 Geld weg en je plezier weg.
Dit wordt gedaan om de situatie op het circuit 100% voorspelbaar te houden: de enige manier om veiligheid in te bouwen. 

Waar kan je ze vinden:
Een paar voorbeelden van organisatoren: TTraceworld, DFtrackdays, GP Elite.



Je auto:

Een niet geprepareerde auto is niet gemaakt voor het circuit, en je moet dan ook terughoudend zijn: 
ruime pauzes tussen de sessies om je auto de kans te geven af te koelen.

Uiteraard heb je je auto eerst vertroeteld met een beurt, of op zijn minst nieuwe motorolie. Je neemt je voor om hem “op zijn staart te trappen” en dat gaat een stuk beter met nieuwe en voldoende olie. 

Hieronder een opsomming van de onderdelen van je auto waar je aandacht aan moet besteden als je vaker of regelmatig een trackday wilt doen. Ga je gewoon een keertje voor de lol, doe dan niet moeilijk en gebruik je auto gewoon, hij kan er best tegen, als je hem maar goed onderhoud.

De lijst hieronder staat in volgorde van onderdelen die eventueel problemen kunnen gaan geven.

Remmen.



Je eerste paar rondjes gebeurt er met de auto niet veel: een MX5 voelt zich van nature thuis in wat sportievere omstandigheden. Als je wat harder gaat rijden is het eerste wat zal gaan protesteren je remmen. Ze blijven werken, maar kunnen makkelijk té heet worden.

Je merkt dat doordat je remkracht verliest, en dan moet je eventjes van de baan af om ze af te laten koelen.

De beste methode om je remmen maximale koeling te geven op het circuit is………Later remmen. 
Dan rem je weliswaar harder, maar korter en hebben je remmen meer tijd om af te koelen tot het volgende rempunt, wat je dan ook weer zo lang mogelijk uitstelt 🙂

Lees het artikel over remmen in TECHNIEK, daar staat meer over de remmen en ook hoe je ze beter geschikt maakt voor sportief gebruik. (dit artikel komt eraan, kom snel terug)

Koeling


Zodra je remmen het langer dan een paar rondjes vol houden zonder koelingspauze krijgt het koelsysteem van de motor het zwaar. Ik bedoel niet de airco….. als die aanstaat op het circuit ben je nog niet op zoek naar snelle rondetijden en adviseer ik om gewoon een pauze te nemen als je temperatuurmeter in het rood duikt.

Normaal gesproken houdt de koeling je motor op de meeste efficiënte temperatuur, en kan je gerust een keer flink gas geven zonder problemen. Na een tijdje hard over een circuit met zo vaak als mogelijk vol gas houdt de standaard koeling het niet meer helemaal bij, en wordt je motor langzaam maar zeker te heet. De standaard thermostaat opent bij 88 graden. Je radiator wordt dus vanaf 88 graden gebruikt en kan dan in normale omstandigheden je motor rond de 90 graden houden, de ideale temperatuur. 

Ook op het circuit wil je ook graag dat de motor rond die 90 graden blijft en niet daarboven komt, want bij de NA en NB begint boven de 96 graden koelwater temperatuur de ECU(motor computer) de motor terug te tunen om hem wat af te koelen.

Dit wil je natuurlijk niet als je op het circuit bent en hou dus je temperatuurmeter goed in de gaten en stop op tijd om je motor af te laten koelen.

Wil je vaker naar zo’n trackday en wil je langer door kunnen rijden, monteer dan een thermostaat die eerder opengaat en dus sneller begint met koelen. Bijvoorbeeld eentje die opent bij 70 graden.



De standaard radiator is dun maar heeft voldoende capaciteit, ook voor echt sportief gebruik. Op het circuit echter, komt hij te kort en op den duur wordt je motor te heet. De radiator upgraden naar een dikkere/aluminium versie is dan een simpele en relatief goedkope oplossing. Doe je dit in combinatie met een thermostaat die eerder opengaat, dan is je koelcapaciteit altijd meer dan genoeg om de motor ook op het circuit in zijn ideale temperatuur range te houden.



Banden



Wanneer je langer dan 10 minuten aan één stuk zo hard als mogelijk over een circuit aan het boenderen bent, kan je ervan uitgaan dat je banden het moeilijk krijgen. Je contact met het wegdek zijn de banden, dat maakt ze erg belangrijk en zeker omdat je op een circuit de maximale hoeveelheid grip wilt. 

Eén van de eerste dingen die je kan doen is de bandenspanning aanpassen; op het circuit worden je banden een stuk warmer dan op straat en neemt de spanning door de opwarming van de lucht in de band toe. Om de banden op de juiste spanning te houden op het circuit kan je beginnen met een lagere spanning; 0.2-0.3 bar lager dan standaard in koude staat.
Een mooie startwaarde voor de MX5 met normale straat banden is 1.8-1.9 bar.
 Merk je dat je banden na een paar rondjes hun grip verliezen dan worden ze waarschijnlijk iets te warm en kan je de spanning nog verder terugschroeven tot het grip niveau vrijwel constant blijft gedurende de sessie.

 

Het soort banden maakt ook heel veel uit, All-seasons, zomerbanden of semi slicks, ze hebben allemaal hun eigen karakteristiek en doelen. Op zomerbanden kan je gerust een trackday doen als je de spanning in de gaten houdt en de banden niet erg verbrand. De all-seasons zullen je weinig grip geven en erg snel oververhitten.

 Doordat ze super snel slijten en oververhitten glij je ook heel gemakkelijk van de baan, dus:

All-season of winterbanden: niet het circuit op.

Semi slicks en slicks zijn gemaakt met als doel om op het circuit gebruikt te worden. Het rubber is een stuk zachter en is makkelijker op de juiste temperatuur te houden. Ook slijten ze lang niet zo hard omdat ze niet snel oververhit raken, maar nog steeds is de juiste bandenspanning erg belangrijk voor optimale grip.

 Let goed op de bandenspanning en wees niet bang om de druk te verlagen totdat ze op de juiste temperatuur blijven.

Uitlijning



Hoe raken de banden de weg? Daar zorgt de uitlijning voor. Dit aspect wordt vaak onderschat maar is zeker net zo belangrijk als de banden zelf. Een goede (circuit) uitlijning kan wel heel veel doen voor elke auto. Met de uitlijning kan de hoeveelheid grip en het karakter van het weggedrag van je auto aangepast worden aan jouw wensen en stijl van rijden.













Getallen voor de uitlijning:



Deze getallen zijn waardes voor op het circuit, of voor sportief straat gebruik.
 Een pure straat uitlijning ziet er dan ook anders uit maar gebruikt wel degelijk aspecten van deze afstellingen om tot een bruikbaar compromis te komen tussen bandenslijtage en grip.


Standaard auto/rijhoogte: 


Sporing: Voor op neutraal of lichte toe-spoor, Achter: lichte toe-spoor, 0.5mm per kant.

Camber voor: maximaal bereikbaar (ligt rond de 1-1.4 graden), camber achter 0.2 graden minder dan de voorkant.

Caster: 4 graden zonder stuurbekrachtiging, met stuurbekrachtiging 5 tot 5.5 graden.



Verlaagde auto:


Sporing: 
Voor: neutraal, geen toespoor of uitspoor, Achter: licht toespoor, 0.5 tot 1mm per kant

Camber: 
Voor: 1.5 tot 2 graden, Achter: 0.2-0.3 minder dan de voorkant.

Caster: 4 graden zonder stuurbekrachtiging, met stuurbekrachtiging 5 tot 5.5 graden of maximaal bereikbare waarde nadat camber waardes zijn bereikt.




Pure circuit afstelling:

 
Sporing: 
Voor licht uitspoor, 0.5-1mm per kant, Achter: 1 tot 2 mm toe-spoor per kant

Camber: 
Voor maximaal bereikbaar (3+ graden), Achter: 0.4 graden minder dan de voorkant.

Caster: 
4 Graden of maximaal bereikbare waarde nadat de camber waardes zijn bereikt.



Rijhoogte



Heb je verstelbare vering op je auto waarmee je de rijhoogte aan kan passen, en kan je de hardheid van de demping instellen, dan is dat heel handig voor op het circuit en voegt weer een extra dimensie toe.
In principe, hoe lager de auto ligt hoe beter hij stuurt, totdat je aan de grens van de geometrie van het onderstel komt. 


De ideale rijhoogte verschilt per rijder en auto. 
Dit is erg persoonlijk, net zoals de uitlijning, maar er zijn wel waardes waar je mee kan beginnen en van daaruit kleine aanpassingen kan doen.

Voor de NA en NB is een mooi start punt 12.5 cm gemeten vanaf het opkrik punt onder de dorpel rand naar de vloer, voor de achterkant 13 cm. 
Het verschil tussen de rijhoogte voor een achter noem je de “rake”. Door die aan te passen verander je de hoeveelheid grip tussen de voor- en achterwielen onder het rijden. Zet je de achterwielen bijvoorbeeld ook op 12.5 cm dan neemt aan de achterkant de grip toe en kan de auto gaan ondersturen. Heb je bijvoorbeeld veel overstuur dan kan deze aanpassing helpen om de achterkant wat stabieler te krijgen.

 

Wil je nog lager dan 12-12.5 cm dan moet je grote aanpassingen gaan doen aan de ophanging om het stuurgedrag stabiel en voorspelbaar te houden. Hier zijn after-market oplossingen voor waardoor je de auto potentieel nog sneller kan maken.



Motor



Hier kunnen we heel veel over vertellen maar je kan prima het circuit op met een compleet standaard motor zolang de koeling het bijhoudt en je motor goed onderhouden is en nieuwe olie heeft vlak voor de trackday. Dan kan er eigenlijk weinig misgaan.
De mx5 is echt een auto voor in de bochten, het is een kunst om heel laat te remmen en hard door de bocht te gaan. Daarmee kan je auto’s met veel meer PK’s echt verslaan. 
Rechtdoor hard gaan kan iedereen met een zware rechtervoet. 🙂
Wil je toch meer pk’s dan zijn er veel opties, van kleine aanpassingen zoals een uitlaatspruitstuk tot een turbo of een compressor. Maar deze aanpassingen zijn absoluut niet noodzakelijk en maken de auto vaak een stuk complexer waardoor je meer circuit tijd nodig hebt om de auto betrouwbaar te maken, houd hier rekening mee.
Een compleet standaard auto is prima geschikt voor een leuke kennismaking met het circuit.

Service

Lijkt het je een leuk idee om een keer naar het circuit te gaan met je auto, en je hebt vragen of zoekt advies dan kan je altijd contact zoeken via het contact formulier, bellen of langs komen.
We helpen je met alle plezier op weg, voeren aanpassingen aan je auto uit, of maken je auto compleet circuit klaar.